De Formule 1 maakt zich klaar voor een flinke technische omslag. De FIA heeft de zes motorbouwers in de sport een document toegestuurd met plannen voor de volgende generatie krachtbronnen. Die moeten in 2030 of 2031 hun debuut maken. In plaats van de eerder geopperde atmosferische motoren, kiest de bond nu voor een tussenoplossing: V8’s met een turbo en een uitgekleed hybride systeem [Bron: BBC Sport].
## Weg met de complexiteit
Niemand zit nog echt te springen om de huidige 1.6-liter V6-turbohybrides. Ze zijn ingewikkeld, duur en klinken vaak als stofzuigers. Max Verstappen had het eerder dit jaar nog over “Formula E on steroids” en Fernando Alonso mopperde dat de snelle bochten vooral dienden als laadpaal voor de accu’s.
De FIA probeert die kritiek serieus te nemen. De nieuwe V8’s moeten lichter zijn, beter reageren op het gaspedaal en minder kosten. Het streven is om zo’n 80 kilogram van het totaalgewicht van de auto’s af te halen. Dat zou het rijden weer wat natuurlijker moeten maken [Bron: BBC Sport].
## De techniek: geen V10, maar ook geen V6 meer
De capaciteit van de nieuwe motoren ligt tussen de 2,0 en 2,3 liter. Daarmee stappen ze af van de huidige 1.6-liter blokken, maar keren ze ook niet volledig terug naar het verleden van atmosferische V10’s. Door toch een kleinere turbo te gebruiken, blijft de link met de straatauto’s bestaan en blijft de efficiëntie op peil.
Het elektrische deel wordt flink ingekort. De MGU-K levert straks maximaal 200kW, in plaats van de huidige 350kW. Van dat vermogen is 100kW altijd beschikbaar. De andere 100kW is bedoeld voor een inhaalmodus (‘push-to-pass’). Het idee is dat coureurs dan tactischer moeten schakelen tussen sparen en aanvallen, in plaats van constant bezig te zijn met energiemanagement [Bron: BBC Sport].
## Geld besparen en zelf bouwen
De FIA wil de kosten drastisch drukken. Het budgetplafond voor motorontwikkeling moet halveren, van $190 miljoen naar ongeveer $95 miljoen per jaar. Dat moet de drempel verlagen voor nieuwe spelers en de bestaande merken (Mercedes, Ferrari, Audi, Honda, Red Bull en binnenkort Cadillac) wat lucht geven.
Er was sprake van een sterk gestandaardiseerde basismotor, maar daar lijken de fabrikanten weinig zin in te hebben. Ze willen zelf blijven sleutelen om zich te kunnen onderscheiden. De ellende met gestandaardiseerde elektronica dit seizoen — denk aan de softwareglitch die de start in Bahrein bijna liet mislukken — heeft de aversie tegen nog meer standaardonderdelen alleen maar groter gemaakt [Bron: BBC Sport].
## Wanneer zien we ze op de baan?
De onderhandelingen zijn nu in volle gang. De FIA wil graag voor december een definitief voorstel klaar hebben voor de wereldraad. Omdat de huidige contracten tot 2030 lopen, is haast geboden. Een snelle beslissing geeft de teams tijd om zich voor te bereiden, zonder dat ze nog jaren vastzitten aan de huidige, dure regels.
Voor de fans en coureurs is het goed nieuws. Een lichtere auto met minder dominante elektronica betekent hopelijk weer meer actie op de baan en minder rekenwerk in de cockpit. Als het plan slaagt, krijgt de Formule 1 weer wat van zijn oude karakter terug: luid, snel en puur mechanisch.
Lees ook meer over de [toekomst van Lewis Hamilton](https://formule1info.nl/lewis-hamilton-roept-op-tot-nederigheid-rond-afrikaanse-grand-prix-in-rwanda-er-is-nog-zoveel-dat-we-niet-weten-2/) en de [huidige stand van zaken in het kampioenschap](https://formule1info.nl/antonelli-in-onimpeccabele-positie-na-amerikaanse-gp-kan-hij-de-titel-in-mexico-garanderen/).
