Fernando Alonso blijft in de Formule 1: ‘Ik voel me nog net zo snel als iedereen’

Fernando Alonso blijft nog minstens één seizoen actief in de Formule 1 bij Aston Martin. De 45-jarige Spanjaard hakte de knoop door omdat hij naar eigen zeggen simpelweg te snel is om te stoppen.

Het hing al maanden in de lucht. Zou de tweevoudig wereldkampioen zijn helm na dit seizoen definitief aan de wilgen hangen, of plakt hij er nog minimaal een jaar aan vast? Aston Martin beleeft een uiterst stroef 2026 en de nieuwe technische en motorische reglementen kunnen op weinig enthousiasme van de Spanjaard rekenen. Toch weegt zijn pure racehonger zwaarder dan de frustraties over haperende techniek, tegenvallende rondetijden en afknijpende batterijsystemen. In een uitgebreid en openhartig interview met BBC Sport legt Alonso haarfijn uit waarom hij weigert plaats te maken en niet vanaf de zijlijn kan toekijken.

‘Ik heb iets extra’s ten opzichte van de rest’

Voor Alonso is racen geen baan, maar een pure manier van leven. De honger naar competitie en het zoeken naar de absolute limiet zitten na een kwarteeuw op het hoogste niveau nog altijd diep in zijn vezels verankerd. “Dit zit in mijn bloed,” vertelt de Spanjaard zonder aarzeling. “Ik blijf racen en ik geniet ervan. Maar de allerbelangrijkste reden om door te gaan, is mijn zelfvertrouwen. Ik voel nog steeds dat ik iets extra’s heb ten opzichte van de concurrentie. Als ik erover nadenk om een stap terug te doen, een adviserende rol in het team te pakken of niet meer zelf achter het stuur te kruipen, voelt dat gewoon verkeerd. Ik voel me nog altijd net zo snel als iedereen op deze startgrid. Dus we gaan er gewoon nog een keer vol voor.”

Die overtuiging baseert Alonso niet op nostalgie of bravoure, maar op wat hij elk raceweekend zelf waarneemt wanneer hij de pitstraat uitrijdt. Zelfs wanneer de Aston Martin dit seizoen achterin het veld spartelt en vecht voor kruimels, ziet hij coureurs om zich heen fouten maken die hij zelf feilloos weet te vermijden.

“Als ik tijdens de vrije trainingen rijd, zie ik jongens overal te laat remmen, hun voorwielen blokkeren en fouten maken,” legt Alonso uit. “Dan voel ik dat ik het onder controle heb en sneller ben dan zij. Wanneer ik me na afloop omkleed en naar huis ga, voel ik ondanks een achttiende plaats toch voldoening en trots. Hoe zou ik ooit thuis in de woonkamer voor de televisie moeten zitten en denken: ‘dat kan ik beter’? Dat gevoel zou nu onverdraaglijk zijn. Als ik ooit merk dat ik die snelheid en scherpte verlies, stop ik direct. Maar zolang dat niet het geval is, blijf ik rijden.”

Moeizame wagens en tegennatuurlijke motorregels

De keuze om zijn verblijf in de koningsklasse te verlengen was allerminst vanzelfsprekend. Alonso heeft zich het afgelopen jaar, net als regerend wereldkampioen Max Verstappen, herhaaldelijk kritisch uitgelaten over de ingrijpende 2026-reglementen. De 50-50 verdeling tussen de verbrandingsmotor en het elektrische vermogen zorgt op circuits met lange rechte stukken voor hachelijke situaties waarin batterijen vroegtijdig leeglopen en coureurs honderden meters voor de bocht van het gas moeten gaan om energie terug te winnen.

“Dat was voor mij veruit het moeilijkste punt in deze beslissing,” erkent Alonso ruiterlijk. “Op kortere circuits heb je voldoende batterijvermogen tot aan het rempunt, maar op banen zoals Silverstone, Spa-Francorchamps en Suzuka was het ronduit dramatisch. De batterij valt halverwege het rechte stuk weg en het vermogen kakt volledig in. Topsnelheid bereiken midden op een recht stuk druist in tegen elk natuurlijk coureursinstinct van laat remmen en vroeg op het gas gaan. Als je met deze auto’s hard wil gaan, moet je paradoxaal genoeg langzamer rijden. Dat is niet hoe Formule 1 hoort te voelen.”

Toch put de Spanjaard hoop uit de bereidheid van autosportfederatie FIA en Formula 1 om te luisteren. Er ligt inmiddels een plan om de vermogensverhouding richting 2028 in twee fasen aan te passen naar 60-40 ten gunste van de verbrandingsmotor. Alonso: “Het helpt enorm dat de sport openstaat voor kritiek en continu in gesprek blijft met coureurs en teams om de situatie te verbeteren. Misschien kunnen ze voor volgend jaar de batterijafgifte al iets finetunen, zodat we minder vermogen over een langere periode krijgen. Dat geeft me hoop dat ik volgend seizoen weer echt plezier aan het rijden ga beleven.”

Vertrouwen in Honda en de ommekeer in Sakura

Naast de reglementen speelde ook de sportieve situatie bij Aston Martin een grote rol in Alonso’s beraad. Het team uit Silverstone beleeft een uiterst zwaar seizoen en bezet momenteel de tiende en laatste plaats in het constructeurskampioenschap. De exclusieve fabriekssamenwerking met Honda kende een moeizame start: de Japanse krachtbron levert aanzienlijk minder pk’s dan de rivaliserende motoren van Mercedes, Ferrari en Red Bull Ford Powertrains, terwijl ook de betrouwbaarheid meermaals te wensen overliet.

Honda liet de situatie echter niet op zijn beloop en greep recent stevig in binnen de eigen gelederen. Zo werd het leiderschap van het motorproject grondig vernieuwd; Honda verving de motorentopman na de moeizame start met Aston Martin om het ontwikkelingsproces te versnellen en de kloof te dichten. Alonso blijft ondanks de tegenslagen pal achter de Japanse fabrikant staan.

“Ik heb Honda altijd verdedigd en zal dat blijven doen,” zegt hij vastberaden. “Ze hebben in het verleden bewezen dat ze wereldtitels kunnen winnen. Er is nu een herstructurering gaande en de mensen in Sakura werken dag en nacht. Ik heb er het volste vertrouwen in dat zij deze achterstand stap voor stap kunnen wegpoetsen.”

Het grotere plaatje: Stroll, Newey en de toekomst

De beslissing van Alonso om te blijven hangt ook nauw samen met de langetermijnvisie van Aston Martin. Eigenaar Lawrence Stroll heeft de afgelopen jaren honderden miljoenen geïnvesteerd in een ultramoderne campus in Silverstone, inclusief een gloednieuwe eigen windtunnel en geavanceerde simulatoren. Het belangrijkste puzzelstuk volgt met de komst van meesterontwerper Adrian Newey, die de technische lijnen gaat uitzetten voor de komende generaties bolides.

Alonso wil maar wat graag oogsten van het fundament dat nu met veel moeite wordt gelegd. “Dit team heeft alle ingrediënten in handen om op termijn voor overwinningen en kampioenschappen te vechten. Het kost tijd om alle nieuwe faciliteiten en mensen perfect op elkaar in te laten spelen, maar we bouwen aan iets heel bijzonders. Ik wil onderdeel blijven van dit proces en Aston Martin helpen om de top te bereiken.”

Spanningen elders op de grid en rust bij Aston Martin

Terwijl Alonso de rust bewaart en zijn toekomst vastlegt, staat de rijdersmarkt en het personele vlak bij andere topteams juist flink onder spanning. Zo rommelt het bij Ferrari rondom leiderschapsgeruchten en mogelijke verschuivingen, waarbij teambaas Frederic Vasseur hard uithaalde naar Horner en benadrukte dat externe stoorzenders geen vat krijgen op de Scuderia. Voor Aston Martin en Alonso betekent de contractverlenging juist stabiliteit en continuïteit in een periode waarin de renstal hard moet knokken voor eerherstel.

Met zijn 45 jaar is Alonso met afstand de nestor van de huidige Formule 1-grid. De Spanjaard rijdt inmiddels tegen coureurs die nog niet eens geboren waren toen hij in maart 2001 zijn Grand Prix-debuut maakte voor Minardi op het circuit van Albert Park in Melbourne. Maar zolang zijn reflexen vlijmscherp blijven, zijn fysieke gesteldheid top is en de stopwatch zijn gelijk bewijst, weigert hij zijn stoeltje af te staan. Voor de autosportliefhebber is dat fantastisch nieuws: een van de meest getalenteerde, compromisloze en strijdlustige racers uit de historie van de sport blijft nog minimaal een jaar schitteren op het allerhoogste niveau.

Laat een reactie achter

Scroll naar boven