De Duitse fabrikant start dit jaar met zijn eerste F1-avontuur tijdens een periode van aanzienlijke technische veranderingen en heeft een – opzettelijk enigszins vage – vijfjarenstrategie opgesteld voor de komende seizoenen.
“Ons doel is om in 2030 kampioenschappen te behalen,” staat in het persbericht waarin Audi dinsdag zijn eerste livery onthulde. “We hebben een gestructureerd plan voor een weloverwogen vooruitgang. Onze reis begint als Challenger, waarin we onze processen opzetten en strijden om punten. Daarna groeien we door naar Competitor, waarbij we onze sterke punten consolidatie en structureel meedoen voor podiumplaatsen. De volgende fase is die van Champion, door een hechte, winnende formatie te worden.”
Ondanks dat de Formule 1 misschien wel competitiever is dan ooit, gelooft Audi niet alleen dat dit doel realistisch is, maar hoopt men zelfs op meer. “Hopelijk bereiken we dat al vóór 2030,” zegt Gabriel Bortoleto enthousiast tijdens de Audi-presentatie in Berlijn. “Maar we hebben ook gezien dat andere teams die zijn ingestapt daar jarenlang over hebben gedaan. Het wordt absoluut geen gemakkelijke taak. We bouwen onze eigen krachtbron. We stappen dus niet alleen in als autofabrikant, we ontwikkelen werkelijk alles vanaf de grond af. Dat maakt het zeker niet eenvoudig; er ligt enorm veel werk voor ons.”
‘Tussenstappen op onze klim naar de top’
De omvang van die uitdaging is iedereen in Hinwil en Neuburg duidelijk. Het Sauber-team, dat door Audi is overgenomen, eindigde vorig jaar als negende in het constructeurskampioenschap. De focus ligt nu volledig op het verbeteren van de infrastructuur en het aantrekken van toptalent, wat ook de reden is waarom Audi zichzelf tijd gunt.
“We hebben 2030 als einddoel en moeten daarom mijlpalen vaststellen, tussenstappen op onze klim naar de top van de berg,” legt Mattia Binotto, hoofd van het Audi F1-project, uit aan onder andere Motorsport.com. “Intern hebben we besproken wat het doel voor 2026 moet zijn. Moet dat een klassering in het kampioenschap zijn, een bepaald aantal punten, of gewoon meer punten dan in 2025 – wetende dat we met een compleet nieuw team, een nieuwe power unit en nieuwe regelgeving beginnen? Uiteindelijk hebben we een andere keuze gemaakt. Voor ons is het belangrijkste doel in 2026 om een serieuze concurrent te worden. Dat gaat over gedrag en perceptie. Ik zou het geweldig vinden als andere teams ons aan het einde van het seizoen ervaren als een sterke concurrent voor de toekomst.”
Binotto: “Maar ik verwacht absoluut niet dat onze motor vanaf het begin de beste is.”
Foto door: Christopher Otto
Instappen als nieuwe motorfabrikant met uiterst complexe krachtbronnen, naast ervaren spelers zoals Mercedes en Ferrari, is geen gemakkelijke opgave. Binotto, voormalige hoofd van de motorafdeling in Maranello, is zich daar maar al te goed van bewust. “We beschikken over alle middelen om op een dag succesvol te zijn en zelfs de maatstaf te worden op het gebied van power units,” vervolgt hij. “Maar ik verwacht absoluut niet dat onze motor vanaf het begin de beste is. Dat zou onmogelijk en onrealistisch zijn.”
“We zijn sterk op onszelf gefocust en blijven bescheiden,” stelt de Italiaan. “We zijn ons bewust dat we tegen problemen kunnen aanlopen, zoals bij de betrouwbaarheid. Wat voor mij het belangrijkste is, is hoe het team daarop reageert: niets aan het toeval overlaten, leren van de problemen en laten zien dat we ons blijven ontwikkelen.”
‘Realistisch blijven over de reis’
De werkelijkheid is dat niemand verwacht dat Audi in 2026 al zal winnen – ook de sponsors niet. “Zij begrijpen dat dit niet van de ene op de andere dag gebeurt,” aldus teambaas Jonathan Wheatley. “Mattia zei het al: we willen vóór 2030 kampioenschappen winnen, maar je moet realistisch blijven over de reis die je onderneemt.” Een reden om de verwachtingen te temperen, is het recente voorbeeld van Alpine. Dit team kondigde eind 2021 een honderd races-plan aan, maar eindigde in 2025 als laatste in het kampioenschap.
Gevraagd of de doelstelling voor 2030 vatbaar is voor kritiek, antwoordt Binotto: “Misschien moet ik het nog preciezer formuleren. Wat we hebben gezegd, is dat we ernaar streven om in 2030 mee te strijden om het kampioenschap. Er zijn sterke concurrenten, dus je kunt niet zomaar besluiten dat je de winnaar zult zijn. Maar we moeten in een positie zijn waarin we kunnen concurreren. Dat betekent dat je het team hebt ontwikkeld op het gebied van infrastructuur, tools, methodologieën, processen en organisatie. Sterk genoeg om daadwerkelijk te concurreren. Dat is precies waar we naar streven.”
En of Nico Hülkenberg er in 2030 nog bij zal zijn? De Duitser, die dan 43 jaar oud is, laat daarover weten: “Ik zou niet zeggen dat het onmogelijk is, maar ik denk daar nu nog niet over na. Ik heb geen groots plan voor wanneer ik wil stoppen. Zolang ik gelukkig ben, de stopwatch positieve dingen laat zien en mijn werkgever tevreden is, ga ik gewoon door.”
We willen jouw mening!
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
Doe mee aan onze 5 minuten durende enquête.
– Het Motorsport.com-team
Ontdek meer van Formule1Info
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
